In onze kliniek behandelen wij zowel landbouwhuisdieren als gezelschapsdieren. Bij de gezelschapsdieren gebeurt dit gewoonlijk in de kliniek, bij uitzondering echter thuis bij de eigenaar.

De behandelingen bestaan voornamelijk uit eerstelijns diergeneeskunde. Dit betekent feitelijk het eerste contact tussen u, als eigenaar, en de dierenarts. Dit is dus vergelijkbaar met een bezoek aan de huisarts. Het gaat daarbij om onderzoek van een ziek dier, maar ook om preventie van ziekte d.m.v. vaccinaties, voorlichting etc. In overleg onderzoeken en behandelen bij dieren die door buurtcollega’s zijn doorgestuurd.

Voor nader onderzoek van uw huisdier beschikken wij over verschillende technieken en apparaten: bloedonderzoek zowel haematolgisch als klinisch chemische bepalingen (bijvoorbeeld: nier- en leverfunctie en glucose, maar ook bloedbeeld (bloedbezinking) ontstekingscellen en bloedplaatjes (stolling), ontlastingsonderzoek (op wormen en vertering) en urineonderzoek (ontsteking of gruis). Binnen ongeveer 15 minuten is van deze onderzoeken de uitslag bekend. Voor nader onderzoek van bepalingen die wij niet zelf in ons eigen lab kunnen doen, werken wij samen met een groot veterinair laboratorium in Duitsland. ’s Avonds komt een koerier het onderzoeksmateriaal ophalen en de volgende dag (afhankelijk van het aangevraagde onderzoek) krijgen wij de uitslag per e-mail. Deeluitslagen worden direct bekend gemaakt en aan ons op de mail gezet.

Voor verder onderzoek beschikken wij over een röntgen- en een echoapparaat.

De echo wordt voornamelijk gebruikt bij drachtdiagnose. Bij hond en kat kan dit al vanaf 25 dagen dracht. Ook is de echo een prima instrument voor het beoordelen van buikorganen en hart. Om een orgaan te kunnen beoordelen moet vanzelfsprekend bekend zijn hoe dit er normaal uit ziet.

Progesteron bepaling teef 

Progesteron bepaling bij loopse teven wordt gedaan om het juiste tijdstip van de dekking te  bepalen. Onze kliniek gebruikt een ELISA methode die binnen drie uur uitslag geeft. Onze voorkeur is bloed te prikken op het ochtend spreekuur. Dezelfde middag hebt u nog de uitslag.  Indien nodig passen wij KI toe met vers gewonnen sperma.

Gebitsverzorging

Bij veel honden en katten vormt zich in de loop van hun leven tandsteen op tanden en kiezen. Dit veroorzaakt een bijzonder onaangename lucht uit de bek.
Erger is dat tandsteenvorming gepaard gaat met tandvleesontsteking, waardoor de bevestiging in de kaak aangetast wordt en tanden en kiezen los kunnen gaan zitten. Kortom veel ongerief voor uw huisdier en u.
U kunt dit probleem grotendeels voorkomen door al op jonge leeftijd met gebitsverzorging van uw huisdier te beginnen. Wanneer wij zelf het tanden poetsen een of meer dagen overslaan dan merken we dat er een dun ruw laagje op onze tanden ontstaat. Dit laagje wordt tandplak genoemd. Bacteriën voeden zich met voedselresten en tandplaquevorming is het gevolg. Mineralen uit speeksel kunnen zich aan tandplak hechten waardoor tandsteen ontstaat: een harde geelbruine laag.
Op de overgang van tandsteen naar tandvlees ontstaat een chronische (= slepende) ontsteking waardoor tandvlees los van de tand komt te liggen. Onder zo'n losliggend flapje tandvlees ligt een holte die 'pocket' genoemd wordt en daarin blijven voedselresten achter. Het tandvlees trekt zich terug, de wortels van de tanden en kiezen komen bloot te liggen en uiteindelijk gaan tanden en kiezen los zitten. Dit veroorzaakt pijn, stank en kans op infecties elders in het lichaam.

Is eenmaal een toestand ontstaan zoals hierboven geschetst, dan dienen er twee dingen te gebeuren:

  1. Behandeling van het gebit door de dierenarts, waarbij onder verdoving het gebit wordt gereinigd en gesaneerd. Indien nodig wordt de aanwezige tandvleesontsteking met medicijnen behandeld.
  2. Nazorg door u als eigenaar om het opnieuw ontstaan van tandplak en tandsteen zoveel mogelijk te voorkomen. Dit wil zeggen 2-3 keer per week tandenpoetsen en 1-2 keer per jaar controle door de dierenarts.

Begin al op jonge leeftijd uw dier eraan te wennen twee keer per week het gebit te poetsen. Het gaat daarbij vooral om de buitenkant van alle hoektanden en kiezen, omdat hier speekselklieren uitmonden en de tandplak het eerst begint. Gebruik hiervoor een kleine, zachte tandenborstel. Poets met water of met een pasta die geschikt is voor dieren. Geef uw dier af en toe, en dit geldt vooral voor de hond, kauwbotten, harde hondenkoekjes of 'buffelhuid'. Op deze manier kan het dier zelf meehelpen om het gebit schoon te houden. Voor katten zijn er speciale snoepjes met een reinigende werking.
Stokken en kippenbotjes geven splinters. Stenen veroorzaken sterke afslijting van het gebit en zijn dus niet geschikt. Door regelmatig het gebit van uw huisdier te reinigen kunt u meehelpen tandbederf te voorkomen.

Tandenpoetsen zal echter niet bij elke hond of kat lukken, vooral bij oudere dieren die het niet gewend zijn.

Een andere manier om het gebit schoon te houden en toekomstige problemen te voorkomen is het geven van speciaal voer. Dit kan natuurlijk ook gegeven worden naast het tandenpoetsen. Het is een volledige voeding met speciale eigenschappen en bestaat zowel voor de kat, de kleine hond onder de 10 kg en de grotere hond. In dit voer zitten bestanddelen, zoals zink, die tandplak oplossen en bacteriën doden. Tevens zorgt de grote en de consistentie van de brokken ervoor dat het dier goed moet kauwen en dat geeft een mechanische reiniging van het gebit vergelijkbaar met poetsen.

Kortom: u kunt problemen op oudere leeftijd voorkomen door van jongs af aan het gebit enkele keren per week te reinigen en uw huisdier geschikt kauwmateriaal ter beschikking te stellen. En/of door over te stappen op speciaal voer, voornamelijk bij dieren met vaak terugkerende gebitsproblemen.
Bij een gebitsbehandeling kunnen wij tegen korting een zak voer meegeven en vragen u dan dit minimaal 2 maanden te geven. Na 2 maanden bieden wij een gratis controleconsult aan. Dan gaan we op het spreekuur het gebit van uw dier controleren.